Dossier warmtepompen
Warmtebronnen
Er zijn verschillende warmtebronnen mogelijk bij een warmtepomp. De uiteindelijke warmtebron hangt vooral af van het type van de installatie, het vermogen, en de plaatselijke omstandigheden.
Aarde
De aarde is een zeer goede warmteaccumulator en vrijwel altijd de beste keuze. Regen en zon zorgen ervoor dat haar temperatuur gedurende het hele jaar ongeveer 8 tot 12 °C bedraagt.
Horizontaal captatienet
Bestaat uit kunststofbuizen die ca. 1,2 m diep in de tuin liggen. Door deze buizen stroomt de warmtedrager, een vloeistof, die door de warmere aarde wordt opgewarmd. De opbrengst bedraagt gemiddeld 25 W/m². Deze methode heeft al 20 jaar zijn effectiviteit bewezen als bijzonder betrouwbaar en goedkoop.

Verticale aardsondes
Wanneer men slechts over een klein grondoppervlak beschikt, kan men warmte aan de aarde onttrekken via verticale aardsondes. In één of meerdere boringen die tussen 25 en 75 m diep zijn worden kunststofbuizen neergelaten waardoor de warmtedrager circuleert en de warmte opneemt. De gemiddelde opbrengst (per boormeter) is 50 W/m maar deze hangt af van de plaatselijke geologie.

Grondwater
Bij deze methode wordt grondwater opgepompt en naar de warmtepomp gestuurd. Dit kan rechtstreek of, aan te raden, met een scheidingswarmtewisselaar. Het afgekoelde water vloeit daarna weer terug via een retourput.

Lucht
Lucht is overal en in voldoende mate aanwezig. Bij zeer lage buitentemperaturen is de hoeveelheid warmte die we uit de lucht kunnen halen echter vrij laag. Daarom is tijdens koude periodes soms een extra verwarmingsbron nodig om de warmtepomp te ondersteunen.






Naar boven
Terug