Aardsondes voor grond/water-warmtepompen

Naast aardcollectoren kiezen veel eigenaars van installaties ook voor aardsondes voor het winnen van de in de grond opgeslagen warmte voor een grond/water-warmtepomp. En wel om verschillende redenen.
 

Aardsondes vereisen slechts een beperkte ruimte voor installatie

Een van de belangrijkste redenen voor het gebruik van aardsondes is het erg beperkte opsteloppervlak. De sonde op zich is nauwelijks groter in diameter dan een cd. Alleen voor het boorvoertuig moet voldoende ruimte worden voorzien. Een ander voordeel van aardsondes is het feit dat ze het hele jaar door een hoog rendement halen dankzij de constante en warme temperatuur in de bodem.

Het werkingsprincipe van aardsondes

Om deze thermische energie te kunnen winnen, moeten vooraf één of meer boorgaten worden geboord. Vervolgens worden dubbele U-buizen in de boorgaten gestoken en met een betonmix afgedicht. In de leidingen circuleert een pekel (vorstbestendige vloeistof) die de in de grond opgeslagen warmte-energie absorbeert en aan de aangesloten aardwarmtepomp doorgeeft. Deze laatste gebruikt deze warmte om een koelmiddel te laten verdampen.

Wat volgt is het voor warmtepompen typische compressieproces. Hierbij wordt het verdampte koelmiddel zolang samengeperst tot het de vereiste temperatuur heeft bereikt om te worden gebruikt voor verwarming en sanitair waterverwarming. De gedetailleerde werking van dit proces wordt beschreven in het hoofdstuk Werkingsprincipe van de warmtepomp.

Een gespecialiseerde consultant ondersteunt klanten bij het vinden van de juiste aardsondes voor grond/water-warmtepompen

De juiste aardsondes vinden

Zelfs al op een diepte van ongeveer 15 meter is de temperatuur constant tien graden Celsius en neemt deze toe naarmate het boren vordert. Voor een efficiënte werking van de grond/water-warmtepomp moet de bron zo hoog mogelijke temperaturen leveren. In de praktijk worden aardsondes op een diepte van 40 tot 100 meter geïnstalleerd. Hoe lang de aardsondes aan het eind moeten zijn, hangt onder andere af van de verwarmingsbehoefte en van het warmtegeleidingsvermogen van de bodem. Als alternatief kunnen ook meerdere aardsondes worden gebruikt in plaats van één. Daarbij moet u ervoor zorgen dat op bepaalde punten niet te veel warmte aan de bodem wordt onttrokken, wat tot ijsvorming zou kunnen leiden.

Vergunning vereist - kies voor gecertificeerde boorbedrijven

Iedereen die de in de grond beschikbare warmtebron met behulp van aardsondes voor grond/water-warmtepompen wil gebruiken, heeft een officiële vergunning nodig. Hiervoor zijn de lagere instanties voor waterbeheer bevoegd. In de particuliere sector kunnen de bevoegde waterbeheermaatschappijen zo nodig opdracht geven tot controles door deskundigen. In dat geval is het dan ook raadzaam om nog vóór de start van de bouwwerken contact op te nemen met de deskundige. De noodzakelijke bewijsstukken en controles kunnen zo tijdens de bouwwerken worden afgestemd.

Omdat ondeskundige bouwwerken een gevaar voor het milieu vormen, moet de boormaatschappij aan hoge eisen voldoen. Concreet moet men er bij het zoeken naar boorbedrijven op letten dat deze gecertificeerd zijn volgens de kwaliteitseisen van het technisch voorschrift DVGWWW120-2. Het bewijsstuk is ook vereist om in aanmerking te komen voor een overheidssubsidie van minimaal 4.500 euro. Meer informatie over dit thema vindt u in het hoofdstuk Subsidiëring van de grond/water-warmtepomp.
 

Overzicht van de voordelen van aardsondes voor een grond/water-warmtepomp

Naast de reeds vermelde economische voordelen zijn er nog meer feiten die voor het gebruik van aardsondes pleiten. De belangrijkste zijn:

  • Het hele jaar door constante en hoge warmte
  • Kan ‘s zomers voor passieve koeling worden gebruikt
  • Veilige en duurzame werking